Het plan

In 1995 is het Landinrichtingsplan voor de herinrichting Nooderpark door Gedeputeerde Staten van de provicie Utrecht vastgesteld. Delen van dit plan zijn reeds gerealiseerd. Een aantal plannen zijn aangepast of vervallen. Deze wijzigingen en de opname van meer recreatieve paden zijn te vinden in de Planwijziging. De Planwijziging voor de herinrichting Noorderpark is in 2006 door de Gedeputeerde Staten van de provincie Utrecht vastgesteld.

Hieronder wordt het plan van 1995 in hoofdlijnen beschreven. Na een beschrijving van de ruimtelijke samenhang wordt aangegeven welke maatregelen en voorzieningen per sector zullen worden getroffen.

Het volledige Landinrichtingsplan van 1995 en de Planwijziging zijn hier te downloaden.

Ruimtelijke samenhang

Het landinrichtingsplan geeft invulling van de zonering van het gebied zoals in de ruimtelijke ordening is vastgelegd (zie figuur 1).
Het Noorderpark is een planologische bufferzone tussen Hilversum en Utrecht met als doel het gebied te vrijwaren van stedelijke functies en de landelijke functies te versterken. Het provinciale ruimtelijke beleid is daarbij uitgangspunt. In het westen van het gebied zijn met name de reservaten en natuurontwikkelingsgebieden gelegen. De natuurfunctie zal hier worden versterkt door grondverwerving, grondruilingen, natuurinrichting en verbetering van de waterbeheersing. Het oostelijke deel heeft in het streekplan een overwegend agrarische functie. Met inachtname van de belangen van natuur en landschap zullen de productieomstandigheden voor de agrarische sector hier worden verbeterd.
In het zuiden van het gebied, direct grenzend aan de stadsrand van Utrecht zullen boscomplexen worden aangelegd en zal een gebied voor de intensieve dagrecreatie worden ingericht.

Figuur 1: Zonering van het gebied
Figuur 1: Zonering van het gebied
Klik voor grotere versie: [800x600] [1024x768]

In het gehele herinrichtingsgebied zullen voorts wandel- en fietspaden worden aangelegd om het landelijk gebied, zowel natuurgebied als blijvend agrarisch gebied, voor recreatief medegebruik geschikt te maken. Door een aantal natuurontwikkelingsprojecten in het oosten te realiseren wordt invulling gegeven aan een ecologische verbindingszone tussen de Lage Vuursche - Hollandsche Rading en het landgoed Sandwijck.

Maatregelen en voorzieningen per functie

Verkeer
In het Noorderpark wordt de verkeersafwikkeling via de openbare wegen verbeterd. Het algemeen belang vraagt om een meer veilige afwikkeling van het verkeer. Hiertoe wordt langs de Burg. Huydecoperweg en de Nieuweweg een vrijliggend fietspad aangelegd. Daarbij is het mogelijk een aantal wegversmallingen of andere snelheidsbeperkende maatregelen te treffen om het sluipverkeer over deze weg en andere wegen in het Noorderpark te weren.

Landbouw
De verkaveling van de agrarische bedrijven wordt verbeterd. Hiertoe worden bedrijven verplaatst, worden gronden geruild en worden kavelaanvaardingswerken uitgevoerd. Verplaatsing kan betekenen hervestiging in het gebied, maar ook uitplaatsing naar buiten het gebied. Te verplaatsen bedrijven, kunnen qua oppervlakte worden vergroot. Ook niet te verplaatsen bedrijven kunnen vanwege het bufferzonebeleid worden vergroot. Het op te stellen plan van toedeling zal erop gericht zijn om binnen het patroon van wegen, waterlopen, natuurterreinen en landschapselementen verspreid gelegen gronden van één gebruiker samen te voegen. Waar mogelijk zullen voldoende grote huiskavels bij de bedrijfsgebouwen worden toegedeeld. De vorm en grootte van de toe te delen kavels zullen, afhankelijk van de inbreng, zoveel mogelijk op de moderne bedrijfsvoering worden afgestemd.
Ter ontsluiting van de te verplaatsen bedrijven zullen wegen worden verbeterd en aangelegd.

Voor wat betreft het waterbeheersingsplan wordt ervan uitgegaan dat in het blijvend agrarisch gebied de huidige peilen worden gehandhaafd. De wateraanvoer van het gebied "Achttienhoven" zal worden verbeterd.

Natuur en landschap
Het actuele beleid met betrekking tot de toepassing van de Relatienota en de natuurontwikkeling is beschreven in het Natuurbeleidsplan en het Beleidsplan Natuur en Landschap provincie Utrecht. In het kader van het landinrichtingsplan zal een deel van de als reservaatsgebied aangewezen gronden, al dan niet door uitruil met BBL-eigendom worden verworven ten behoeve van het Staatsbosbeheer of de Vereniging Natuurmonumenten. Het betreft 450 ha. In de verworven reservaatsgebieden zal een basisinrichting worden uitgevoerd ten behoeve van het voorgestane beheer. In beheersgebieden zullen alleen kavelaanvaardingswerken worden uitgevoerd die in overeenstemming zijn met het beheersplan. Hier zal de nadruk liggen op het afsluiten van beheersovereenkomsten met de grondgebruikers. Het landinrichtingsplan voorziet er in om van het natuurontwikkelingsproject ten zuiden van de Middenweg in de Bethunepolder, zoals dat door het provinciale- en rijksbeleid wordt aangeduid, een deel te realiseren (100 ha). De ecologische verbindingszones worden door kleinere voornamelijk lijnelementen ingevuld. Het betreft singelbeplantingen, moerasachtige elementen en natuurtechnisch in te richten gebiedjes. Naast een ecologische functie hebben deze voorzieningen tevens een landschappelijke en recreatieve functie. Dit betreft totaal ca. 55 ha.
In de Bethunepolder ten westen van Tienhoven en ten noorden van de Middenweg zal een hoogwatervoorziening worden aangelegd om de wegzijging van grond- en oppervlaktewater vanuit het natuurgebied van de Tienhovense plassen en de Breukeleveense plas naar de Bethunepolder tegen te gaan. Een belangrijk deel van de maatregelen voor de natuur worden getroffen in en rondom de Bethunepolder. Een deel van het reservaatsgebied ten noorden van de Middenweg zal langs vrijwillige weg worden aangekocht, dan wel in het plan van toedeling worden vrijgeruild en toegedeeld aan het BBL ten behoeve van het Staatsbosbeheer. Ditzelfde geldt voor het natuurontwikkelingsproject aan de zuidzijde van de Middenweg. De daar verworven gronden zullen evenwel zodanig geruild worden dat ze zoveel mogelijk aaneengesloten komen te liggen. Deze gronden worden toegedeeld aan het BBL ten behoeve van de gemeente Amsterdam. Welke de omvang van de uiteindelijke reservaatsvorming en natuurontwikkeling in de Bethunepolder in landinrichtingsverband zullen zijn hangt af van de plaats en omvang van de grondverwerving ter plaatse en de uitruilmogelijkheden in en naar buiten de Bethunepolder.

Om het doorgaande verkeer zoveel mogelijk uit de Bethunepolder te weren zal de Landweg aan de openbaarheid worden onttrokken. Een gedeelte van de Griendweg zal worden vrijgemaakt van gemotoriseerd verkeer. Voor het beheer van de gronden blijven deze wegdelen wel toegankelijk. De Griendweg zal ook voor fietsers toegankelijk blijven.

Het waterbeheersingsplan is erop gericht om in de toekomstige natuurgebieden een eigen waterbeheer te voeren. De natuurgebieden rond de Bethunepolder zullen zoveel mogelijk aan elkaar worden gekoppeld. Uitgangspunt van het waterbeheersingsplan is dat het gebiedseigen water zo lang mogelijk wordt gebruikt. Bij wateraanvoer zal dat geschieden vanuit de Breukeleveense Plas en zo weinig mogelijk vanuit de Vecht.

Het landinrichtingsplan is er op gericht om de landschappelijke hoofdstructuur van het gebied zo goed mogelijk in stand te houden en te ontwikkelen. Bij de keuze van aard en locatie van de aan te leggen landschapselementen is de ontstaansgeschiedenis richtinggevend. Dit houdt onder meer in herstel en/of versterking van de bewoningslinten en het zo goed mogelijk behouden van het opstrekkende verkavelingspatroon. Langs een aantal wegen zal daartoe beplanting worden aangebracht en kunnen erfbeplantingen in onder andere de lintbebouwing worden aangebracht of uitgebreid.

Nabij de stad Utrecht zal een tweetal boscomplexen (gezamenlijk 55 ha) worden ingericht als invulling van de Randstadgroenstructuur, waarbinnen een belangrijke recreatieve functie tot ontwikkeling moet komen (zie figuur 2). Langs een aantal wegen zal een wegbeplanting worden aangebracht.

Figuur 2: Bos, beplanting en moerasstroken
Figuur 2: Bos, beplanting en moerasstroken
Klik voor grotere versie: [800x600] [1024x768]

In het noorden van de polder Achttienhoven zal de landschapsstructuur ten behoeve van de das worden aangepast door aanvullende voorzieningen te treffen bij de Graaf Floris V weg en het Dassenbosje Voor deze landschappelijke inrichting is ca 15 ha nodig.

Openluchtrecreatie
Het Noorderpark is een belangrijk uitloopgebied voor de openluchtrecreatie. De mogelijkheden hiertoe zijn echter beperkt.
In het kader van het landinrichtingsplan en de Randstadgroenstructuur zal een gebied van 70 ha nabij de stadsrand van Utrecht voor de intensieve dagrecreatie worden ingericht. Dit aan te leggen recreatiegebied en het eerdergenoemde aan te leggen bos met een gezamenlijke oppervlakte van 125 ha vormen tevens een onderdeel van het strategische groenproject Utrecht e.o. De eerdergenoemde boscomplexen zullen tevens een belangrijke recreatieve functie vervullen evenals de ecologische elementen in de Hooge Kamp. In deze elementen zullen wandel- en fietspaden worden aangelegd. Het verder van de stad afgelegen landelijk gebied wordt beter geschikt gemaakt voor het recreatief medegebruik. Ook hier worden wandel- en fietspaden aangelegd. Verspreid over het gehele herinrichtingsgebied worden kleine recreatieve voorzieningen getroffen in de vorm van een picknickset, een bank, informatiepaneel of een kleine parkeerplaats.
Op een aantal plaatsen worden kano-overzetplaatsen ingericht voor een kanoroute tussen de Maarsseveense- en de Loosdrechtse Plassen.
Nederland
Logo NoorderparkLogo Dienst Landelijk Gebied